Terug

Vergelijk isolatiemateriaal

Vergelijk isolatiemateriaal

ECOLOGISCHE ISOLATIE VS CONVENTIONELE ISOLATIE

Wij gebruiken de gegevens van gerenommeerde, onafhankelijke Duitse keuringsinstituten om te bepalen wat de beste en meest duurzame isolatiematerialen zijn. Onze voorkeur gaat daarnaast uit naar producten met het gerenommeerde Nature Plus keurmerk. Zo zorgen wij voor de beste producten, met respect voor de wereldwijde ecosystemen waar wij als mensen onderdeel van zijn. En daarmee dus respect voor onszelf.

 

Er zijn twee belangrijke redenen om de onafhankelijke Duitse keuringsinstituten en het Nature Plus keurmerk te gebruiken in plaats van de Nederlandse equivalenten:

 

1. Nederland hanteert zijn eigen regels waardoor er onduidelijkheid ontstaat over wat de meest duurzame isolatiematerialen zijn. We zien dan ook enorme verschillen tussen hoe isolatiematerialen hier in Nederland worden beoordeeld en hoe dit gebeurt in de omliggende landen. In sommige Nederlandse lijstjes komen bijvoorbeeld steenwol en glaswol als duurzaam naar voren, terwijl bio-based producten ineens een aantal plaatsen op de lijst zijn gezakt. Toch op zijn minst opvallend aangezien glaswol en steenwol deel zijn van de technische kringloop terwijl producten van natuurlijke vezels in de basis al een positievere CO2 inhoud hebben, hergroeibaar zijn en (dus) deel van de biologische kringloop. In de omliggende landen zien we dan ook dat de isolatiematerialen gemaakt van natuurlijke vezels het beste presteren als circulair en duurzame producten.

 
2. De Nederlandse Levens Cyclus Analyse (LCA) methodiek wijkt af van de Europese methode omdat instanties in Nederland onder andere accepteren dat de fabrikant zelf de basisgegevens aanlevert voor een LCA. Doordat de fabrikant moet betalen om een LCA uitgewerkt te krijgen is van onafhankelijkheid weinig sprake. Dit zien we tevens terug in dat wanneer er geen producent is die wil betalen voor de LCA van een product(groep), dan rekent het keuringsinstituut met de meest ongunstige internationaal beschikbare gegevens voor dit type vezel. Zelfs wanneer er gewoon een nauwkeurige LCA beschikbaar is uit een van de omliggende landen. Dit is in Nederland bijvoorbeeld gebeurd met schapenwolisolatie, zie “Schapenwol isolatie duurzaam?” Voor de verhoudingsgewijs kleine (familie) bedrijven is het ondoenlijk om in een relatief kleine markt dit onrecht, recht te zetten.

 

Schapenwol duurzaam?

Europese producenten van schapenwolisolatie gebruiken uitsluitend Europese schapenwol van schapen die niet intensief voor de wol of het vlees gehouden worden. De uiterst negatieve beoordeling van het NIBE (Nederlands Instituut voor Bouwbiologie en Ecologie) van dit isolatiemateriaal lijkt onder andere uit te gaan van schapenwol uit landen als Australië. Daar komt intensieve schapenhouderij – voor de wol – veel voor en worden de schapen gedipt in chemicaliën omdat ze eigenlijk niet geschikt zijn om daar te overleven. De Isolena schapenwol die Biobeest verkoopt komt van schapen die in de Oostenrijkse bergen de alpenweiden beheren, als natuurlijke grasmaaiers om het maar even heel oneerbiedig te stellen. Deze dieren worden een keer per jaar geschoren en leveren een ruwe vezel ongeschikt voor kleding maar perfect om isolatiemateriaal van te maken. Ongeacht het oordeel van NIBE is dit specifieke product dus erg milieuvriendelijk.

 

Steen- en rotswol duurzaam?

Voor het delven van vulkanisch gesteente, de grondstof van steen- en rotswol, is mijnbouw nodig. Het is de facto een niet-hernieuwbare grondstof en past dus niet in de natuurlijke kringloop van materialen. Daarnaast vergt het omzetten van dit gesteente in draden voor matten van steen- of rotswol enorm veel warmte en dus energie. De officiele positieve beoordeling van dit materiaal op milieugebied is te danken aan de grootschalige en daarmee uiterst efficiënte productieschaal, en het veronderstelde gemak om het materiaal te hergebruiken. Een papieren tijger, want in de praktijk komt inzameling en hergebruik van oude steenwolisolatie slechts heel incidenteel voor in de utiliteitsbouw. Bij de renovatie van woningen verdwijnt dit materiaal, al dan niet door verschimmeling, meestal bij het gemengd afval. En wanneer het daadwerkelijk gerecycled wordt, is verhitting tot enorm hoge temperaturen opnieuw nodig.

 

Steen- en rotswol is van oorsprong bedoeld als toepassing voor isolatie van de spouwmuur. In alle overige constructies, waar het algauw ook werd toegepast, moesten bouwfolies het materiaal beschermen tegen hoge luchtvochtigheid en condensatie. Steenwol is namelijk wel dampopen maar niet vocht regulerend en de isolatiewaarde neemt onder invloed van vocht sterk af. Als symptoom bestrijdend lapmiddel zijn dampremmende en zelfs dampdichte folies onmisbaar. In veel situaties is het materiaal dus bouwfysisch helemaal niet geschikt en toepassing kan dan ook gemakkelijk leiden tot een verslechterd, ongezond binnenklimaat. Daarnaast is het gewoon lastig kriebelspul dat niet in de longen of op de huid thuis hoort en, wanneer een woning gesloopt wordt, tot ruïne vervalt of gerenoveerd wordt, ook niet in het milieu.

 

Glaswol duurzaam?

Net als steen- en rotswol heeft ook glaswol een enorme hoeveelheid energie nodig tijdens de productie, ondanks de toevoeging van gerecycled glas. Bovendien beperkt dit de beschikbaarheid van recyclebaar glas voor de productie van nieuw glas. Geen onbelangrijk punt aangezien er wereldwijd tekorten ontstaan aan bouwzand en geschikt zand voor glasproductie. Dit leidt weer tot het grootschalig baggeren in rivieren en zeeën om aan de omvangrijke vraag naar geschikt zand te voldoen, met alle gevolgen van dien voor de betrokken ecosystemen.

 

Hier houdt de vergelijking met steen- en rotswol niet op. Ook glaswol is damopen maar niet vocht regulerend en vraagt om de nodige symptoombestrijding in de vorm van allerhande dampdichte bouwfolies, met groot risico op een sterk verslechterd binnenklimaat. Daarnaast geldt ook voor glaswol gewoon lastig kriebel spul dat niet in de longen of op de huid thuis hoort en, wanneer een woning gesloopt wordt, tot ruïne vervalt of gerenoveerd wordt, ook niet in het milieu.

 

Zowel steen als zand lijken ons geen goede basis voor efficiënte, duurzame en vooral ook gezonde isolatiematerialen.

 

PUR, PIR en Piepschuim...?

Dit drietal isolatiematerialen heeft aardolie als hoofdbestandsdeel en zou je in het kader van klimaatverandering en andere milieuonvrioendelijkheid die bij het delven van olie gepaard gaat, als uiterst onwenselijk moeten beschouwen. De olie als basis en de chemicaliën die nodig zijn om de producten op te schuimen, zorgen wereldwijd voor de ernstige beschadiging en verstoring van ecosystemen (waarvan wij zelf weer afhankelijk zijn). Een ideale gebouwschil beschikt niet alleen over thermische isolatie maar ook een goede faseverschuiving (de waarde, uitgedrukt in uren, die aangeeft hoe lang stralingswarmte erover doet om door een isolatielaag te komen) zodat het in de zomer koel blijft. Om de installaties die verwarmen en koelen verder te ontzien moet een constructie ook nog eens dampopen en vochtregulerend zijn en dan vallen schuimisolatiematerialen eigenlijk gelijk af.

 

Conclusie

Een argument om bovenstaande traditionele isolatiematerialen te blijven gebruiken zou kunnen zijn dat er geen goede alternatieven zijn. Maar dat is simpelweg niet waar. En waarom zouden we ons dan nog moeten vastklampen aan deze, in de bouw erg populaire, maar eigenlijk zeer ongeschikte en ongewenste producten wanneer een natuurlijk verantwoorde, gezonde en betaalbare isolatie is al lang mogelijk? Materialen op basis van fossiele brandstoffen of andere nauwelijks hernieuwbare grondstoffen zijn gewoon niet nodig in gebouwen. Alleen isolatiematerialen die uit natuurlijke vezels bestaan, combineren integraal alle benodigde eigenschappen voor een goede vloer-, wand- of dakisolatie.

Vergelijk producten Verwijder alle producten

You can compare a maximum of 3 products

    Hide compare box
    Wij slaan cookies op om onze website te verbeteren. Is dat akkoord? JaNeeMeer over cookies »